Code rood: sluiten kost een kinderopvangorganisatie direct geld

Bij extreme hitte, storm, zware regenval of een officiƫle code rood kan een kinderopvangorganisatie besluiten dat het niet verantwoord is om open te blijven. Veiligheid van kinderen, ouders en medewerkers staat dan natuurlijk voorop.

Maar sluiten is in de kinderopvang financieel iets heel anders dan bij bijvoorbeeld een school. Kinderopvang wordt per dagdeel gefactureerd. Als opvang niet geleverd wordt, ontstaat al snel de vraag: worden ouders gecompenseerd? En wat gebeurt er met de medewerkers die eigenlijk ingeroosterd stonden?

Wat kost het? Een simpel rekenvoorbeeld:

Rekenvoorbeeld: ƩƩn KDV-groep

Stel:

  • 12 kinderen op een KDV-groep
  • 11 facturatieuren per kind
  • uurtarief: € 11
  • 2 pedagogisch professionals ingeroosterd
  • beide 9 uur aanwezig / ingeroosterd
  • indicatieve werkgeverskosten per pedagogisch professional: € 36 per uur

Dan ziet het financiƫle plaatje er zo uit:

  • Compensatie aan ouders 12 kinderen Ɨ 11 uur Ɨ € 11 = € 1.452
  • Personeelskosten die doorlopen 2 medewerkers Ɨ 9 uur Ɨ € 36 = € 648

Alleen al bij ƩƩn groep gaat het dus om € 1.452 aan mogelijke oudercompensatie. Daarnaast zijn er € 648 aan personeelskosten die sowieso doorlopen. Als medewerkers naar huis worden gestuurd zonder dat daar werkuren, verlofuren of compensatie-uren tegenover staan, worden die uren feitelijk ook ā€œweggegevenā€.

Samen gaat het bij ƩƩn groep dan al om ongeveer € 2.100 aan financiĆ«le impact, nog los van huur, energie, administratie, management, schoonmaak en andere vaste kosten. Bij meerdere groepen of meerdere locaties kan dit dus echt flink in de papieren lopen voor een kinderopvangorganisatie.

Meer over de werkelijke werkgeverskosten per uur in de kinderopvang:
https://www.werkenbijkinderopvang.nl/wat-kost-jouw-werk-in-de-kinderopvang-eigenlijk-echt-per-uur-in-2026/

Wat gebeurt er met medewerkers?

Als een locatie sluit, zijn er grofweg meerdere mogelijkheden.

De organisatie kan medewerkers vrij geven met behoud van loon. Dat voelt voor medewerkers vaak logisch, zeker als zij zelf niets aan de sluiting kunnen doen. Voor de werkgever betekent dit wel dat de loonkosten volledig doorlopen, terwijl er geen opvang wordt geleverd en er dus ook geen opbrengsten tegenover staan.

Een andere mogelijkheid is dat medewerkers verlofuren of compensatie-uren opnemen. Dan is de medewerker vrij, maar wordt de dag wel van het verlof- of urensaldo afgehaald. Dat beperkt de kosten voor de organisatie, maar voelt voor medewerkers niet altijd eerlijk.

Ook kan een organisatie vragen om wel te werken, maar dan aan andere taken. Denk aan opruimen, voorbereiden, kinddossiers bijwerken, schoonmaken, scholing, beleid lezen, activiteiten voorbereiden of teamoverleg. De loonkosten worden dan nog steeds gemaakt, maar er staat in elk geval werk tegenover.

In overleg zou er ook gekozen kunnen worden voor een tussenoplossing: bijvoorbeeld 50/50. Een deel van de uren komt dan voor rekening van de werkgever en een deel wordt verrekend met verlof- of compensatie-uren. Dat gebeurt ook wel eens bij andere organisaties of gemeenten bij extreem weer, zoals zware regenval.

Anders dan bij school

Juist dat maakt kinderopvang anders dan onderwijs. Kinderopvangorganisaties hebben te maken met contracturen, ouderbetalingen, compensatie, personeelsplanning en doorlopende bedrijfskosten.

Bij code rood kan sluiten dus verstandig of zelfs noodzakelijk zijn, maar het is financieel geen gratis keuze. Zeker als ouders gecompenseerd worden Ʃn medewerkers volledig worden doorbetaald zonder werkzaamheden, kunnen de kosten snel oplopen.

De lastige keuze

Voor medewerkers kan het logisch voelen: als de locatie dicht moet, wil je vrij zijn en doorbetaald worden. Zeker als je zelf niets aan de situatie kunt doen en je gewoon bereid was om te werken.

Tegelijkertijd heeft een kinderopvangorganisatie veel verplichtingen. Ouders moeten geĆÆnformeerd worden, gecompenseerd worden, roosters moeten worden aangepast, medewerkers moeten betaald worden en vaste kosten lopen gewoon door. Denk aan huur, energie, verzekeringen, administratie, schoonmaak, ICT, scholing en management.

Hoewel soms wordt gedacht dat kinderopvangorganisaties ruime marges hebben, is het niet zo dat de winsten in de kinderopvang over het algemeen enorm zijn. Zeker bij kleinere organisaties of locaties met krappe bezetting kan ƩƩn sluitingsdag al stevig drukken op het resultaat. Bij meerdere groepen of meerdere locaties kan dat bedrag snel oplopen.

Daarom is dit geen eenvoudige keuze tussen ā€œwerkgever betaalt allesā€ of ā€œmedewerker levert uren inā€. Het gaat om een situatie van overmacht, waarbij zowel medewerkers als werkgevers de gevolgen voelen. Veiligheid staat voorop, maar de praktische en financiĆ«le gevolgen zijn groot.

Scroll naar boven