Kinderopvangtoeslag wordt steeds berekend over een kalenderjaar. Het gaat dus om uw jaarinkomen, de arbeidsuren en de kinderopvanguren van dat jaar. Om te controleren of u voldoet aan alle eisen is het dus regelmatig rekenen. Het kan dus ook voorkomen dat u toch recht heeft op kinderopvangtoeslag terwijl u niet meer werkt.

Voorbeeld

U werkt (als minstwerkende partner) 30 uur per week van 1 januari tot en met 30 juni, daarna raakt u werkloos. Rest van het jaar heeft u geen werkgever meer. Uw kind gaat naar een kinderdagverblijf (0-4 jaar).

  • Werkperiode : u heeft 26 weken van 30 uur gewerkt =  780 arbeidsuren
  • Werkloos : u heeft recht op 13 weken van 30 uur = 390 arbeidsuren

Uw “arbeidsuren” voor dat jaar = 1.170 uur

Uw kind gaat naar een kinderdagverblijf, de maximale opvanguren waarover u kinderopvangtoeslag mag aanvragen bedragen 140 % van uw arbeidsuren, oftewel maximaal 1.638 uur.

U heeft dus maximaal recht op kinderopvangtoeslag over maximaal 1.638 uren kinderopvang in dat kalenderjaar. Deze kunnen verdeeld zijn over bijvoorbeeld 9 maanden (182 uur per maand), maar ook over 12 maanden (136,5 uur per maand).

Advies

Heeft u in een jaar wisselende arbeidsuren, bijvoorbeeld als oproep- of uitzendkracht, controleer regelmatig de verwachte arbeidsuren en kinderopvanguren voor dat jaar.  Wijzig daarbij de voorlopige beschikking kinderopvangtoeslag op tijd.

Heeft u een vraag ? Stel deze gerust op ons forum.

Volgt u ons al op Facebook ?

Deel deze informatie !
  • 1
    Delen